INT. BUREAU – SCHRIJVERS OP DE SET
Zouden scenaristen vaker op de set moeten staan? Daarover gaat het in deze zestiende column waarin Brian De Vore en Marc Veerkamp zich buigen over de praktische kanten van het scenarioschrijven.

BRIAN: In Amerika zijn scenaristen vaak vrij nauw betrokken bij de opnames. Niet alleen bij series, wat veel mensen denken, maar ook bij speelfilms. Zouden scenaristen in Nederland niet ook meer aanwezig moeten zijn op set?
MARC: Geregeld voel ik me extreem overbodig tijdens opnamen, maar er zit wel een voordeel aan setbezoeken. Ik beschouw ze als mijn filmacademie. Op sets heb ik geleerd over acteren, over wat een camera doet, wat overbodig is en wat juist niet.
BRIAN: Vertel.
MARC: Helemaal aan het begin van mijn carrière kwam ik voor het eerst op de set van Sesamstraat. Daar werd een scène van mij opgenomen, met Aart Staartjes. Ik stond ernaar te kijken en dacht: wat doet die man nou? Ik verstond hem niet, het zag eruit alsof hij amper wat deed. Maar toen keek ik naar die monitor, en zag ik pas hoe geweldig zijn spel was. Hij speelde alleen maar op de camera. Dat kun je niet leren uit een scenarioboek. Zulke ervaringen gun ik elke scenarioschrijver.
BRIAN: Dus iedere schrijver zou af en toe op een set moeten rondlopen?
MARC: Absoluut. Je gaat betere scripts schrijven als je begrijpt hoe ze uitgevoerd worden.
BRIAN: Dat is wat jij ervan geleerd hebt. Maar wat kun je eigenlijk brengen als schrijver?
MARC: Naar mijn mening niet zo veel. Je bent geen hulpregisseur. Ik heb ook niet het geschoolde oog om iemands spelkwaliteit te beoordelen. Wellicht kun je bij sommige keuzes wel de doorslag geven. Dat je bij twijfel zegt: vanuit het personage is het karakteristieker om zus of zo te doen. Of je daarvoor nou echt op de set moet zijn, weet ik niet.
BRIAN: Maar dan ga je ervan uit dat er niets meer te verbeteren valt aan het script, terwijl scripts in de praktijk vaak nog helemaal niet af zijn als de opnames beginnen.
MARC: Klopt, waardoor acteurs bijvoorbeeld gaan improviseren om de gaten op te vullen. Dan begrijp ik dat je er een schrijver bij haalt. Maar als een regisseur en een schrijver jarenlang goed hebben samengewerkt, elke versie samen hebben ontwikkeld en precies weten wat ze maken, dan vraag ik me af hoeveel werk die schrijver nog te doen heeft.
BRIAN: Ik denk dat je het moet omdraaien. Haal de schrijver er standaard bij. Oké, in sommige gevallen heeft die niets te doen, maar volgens mij komt het tegenovergestelde veel vaker voor, namelijk dat zich tijdens het draaien problemen of vraagstukken aandienen. Omdat een acteur een idee heeft, omdat een locatie iets dicteert, of omdat een scène die op papier goed leek toch niet blijkt te werken. Ik denk dat het heel waardevol is als je ter plekke als klankbord kan fungeren..
MARC: Ik denk alleen wel dat je moet oppassen dat je niet op de set staat om je materiaal te bewaken. Als er een gebrek aan vertrouwen is, dan had je eigenlijk eerder moeten ingrijpen.
BRIAN: Eens. Ik denk dat het meer moet gaan om het script aan te passen aan wat de omstandigheden dicteren. Om een voorbeeld te noemen: bij jeugdtelevisie worden vaak jonge acteurs gecast die beperkt zijn in wat ze kunnen, omdat ze nog niet geschoold zijn. Die leggen veel van zichzelf in een rol en vliegen een personage soms anders aan dan jij het bedoeld hebt. Bij langer lopende series kun je hierop schrijven. Dan schrijf je op wat een acteur kan, maar bij film kan dat niet. Dat vind ik zonde. Ik denk dat veel films naar een hoger plan gebracht zouden kunnen worden, als het schrijven niet stopt bij het shooting script, maar dat dit proces nog doorloopt tijdens de productie, of zelfs tijdens de montage.
MARC: Ik herken dat wel vanuit theater, maar ook bij animatie werkt het zo. Daar zie je als scenarist vaak de animatics. Dat is heel waardevol omdat storyboarders je werk echt kunnen optillen. Die komen met ideeën waar je zelf nooit op was gekomen en als er tijd is kun je dan nog materiaal toevoegen waarin je op die inzichten voortborduurt.
BRIAN: Dat klinkt ideaal.
MARC: Maar dat werkt alleen als je goed kunt samenwerken. Je moet accepteren dat andere mensen met jouw werk aan de haal gaan. De regisseur, de acteurs, de crew; zij interpreteren jouw werk vanuit hun eigen professie.
BRIAN: En dat kan anders uitpakken dan je tijdens het schrijven bedacht hebt.
MARC: Precies. Als je dat niet accepteert, heb je niks op de set te zoeken.
